icon info Brusselsesteenweg 399 - 2800 Mechelen - TEL 015 41 29 39 - GSM 0477 20 12 97

Ontworming

Onze huisdieren houden er een heel andere levensstijl dan mensen op na waardoor wormbesmettingen bij onze honden en katten geregeld voorkomen. Ze dragen bijvoorbeeld geen schoenen, maar komen wel op plaatsen waar andere honden en katten hun behoefte hebben gedaan. Na een grote boodschap wassen ze hun pootjes niet en als ze dat al wel doen dan wassen ze zich met hun tong...

 Door de levensstijl van honden en katten is de kans op wormbesmettingen dus groot. Veel worminfecties verlopen, doordat ze geen zichtbare verschijnselen geven, geheel onopgemerkt. Wanneer een wormbesmetting niet behandeld wordt kunnen na verloop van tijd toch gezondheidsproblemen bij huisdieren ontstaan en loopt u bovendien ook zelf het risico om besmet te raken.

 De volwassen wormen die in de darm van een besmette hond of kat leven produceren namelijk dagelijks honderden tot duizenden eitjes die via de ontlasting in de buitenwereld terecht komen. Hierdoor wordt de omgeving besmet waardoor andere huisdieren, maar ook de mens, besmet kunnen raken. Zo blijkt uit onderzoek dat 10 tot 15% van de bevolking besmet is met honden- en/of kattenspoelwormen. Doordat de omgeving van het dier met wormeieren besmet raakt wordt daarnaast de infectie bij het dier in stand gehouden of kan deze zich zelfs uitbreiden naar een grotere infectie. In dat laatste geval kunnen er uiteindelijk klachten ontstaan.


Regelmatig ontwormen en hygiëne
 Helaas is het onmogelijk om onze huisdieren compleet wormvrij te houden. Wat we wel kunnen doen is zorgen voor een zo laag mogelijke infectiedruk zodat de kans op grote infecties bij het dier zelf, maar ook besmettingen voor andere dieren en de mens, kleiner wordt. Daarbij zijn een aantal zaken belangrijk.
 Soms wordt onterecht verondersteld dat met een regelmatige ontworming een infectie met wormen helemaal voorkomen kan worden. Dat is niet het geval. Het doel van een regelmatige ontworming is om eventuele volwassen wormen die in de darm aanwezig zijn af te doden, waardoor ook de hoeveelheid wormeieren in de ontlasting aangepakt wordt. Op zijn beurt zorgt dit er dus voor dat de infectiedruk wordt verlaagd. Als er geen eieren meer uitgescheiden worden kan er namelijk ook geen infectie meer verspreid worden. Een periodieke ontworming kan een wormbesmetting dus niet voorkomen, maar zorgt er wel voor dat er geen ernstige wormbesmetting over de tijd bij het dier kan ontstaan en verlaagt ook de kans op worminfecties voor andere dieren en mensen. 


Ontwormingsadviezen
 Pups worden gedurende de eerste levensmaanden een aantal maal ontwormd, namelijk op de leeftijd van 2, 4 en 6 weken en dan elke maand tot 6 maanden . Dit om de reden dat spoelworminfecties op deze leeftijd zeer veel voorkomen.
Ook voor kittens geldt eenzelfde advies.
Voor volwassen honden en katten luidde tot voor kort het advies om 2 tot 4 keer per jaar te ontwormen. Omdat geen enkele hond of kat in dezelfde levenssituatie leeft, kon het met dit advies zijn dat sommige dieren te weinig of te vaak werden ontwormd.

Soorten wormen

     Spoelwormen

Vooral bij pups en kittens
 De spoelworm is de meest voorkomende worm bij honden en katten. Besmetting van volwassen huisdieren vindt plaats door opname van eitjes uit de omgeving of door opname van besmette tussengastheren (knaagdieren). Pups worden bijna altijd met een besmetting geboren. Bovendien raken pups en kittens vaak na de geboorte via de moedermelk of omgeving besmet. De larven van spoelwormen verspreiden zich na opname eerst door het hele lichaam voordat ze in de dunne darm uiteindelijk volwassen worden. Een aantal larven blijven zelfs levenslang in verschillende weefsels aanwezig. De larven van de spoelworm zijn ongevoelig voor ontwormingsmiddelen en overleven dus een ontworming. Vervolgens ontwikkelen de larven zich in de darm tot volwassen spoelwormen. Dit is dan ook de reden waarom pups en kittens vanaf de leeftijd van 2 tot 3 weken geregeld ontwormd dienen te worden. Zie voor meer informatie hierover onder 'Adviezen'.

Enorme eiproductie
 Volwassen wormen zijn in staat zich razendsnel voort te planten. Een volwassen spoelworm legt dagelijks 200.000 kleverige eieren die in de omgeving wel 3 jaar kunnen overleven. Voor een zware besmetting van wel 200 volwassen wormen in de dunne darm betekent dit dat er dagelijks 15 miljoen eieren via de ontlasting de omgeving besmetten. Aangezien een volwassen worm wel 4 maanden oud kan worden betekent dit dat een enkele volwassen worm in de darm de omgeving sterk kan besmetten en de infectiedruk voor andere dieren en de mens dus gigantisch toeneemt.

Symptomen
 Symptomen van een spoelworminfectie hoeven niet altijd aanwezig te zijn, maar bij een zware besmetting kunnen de volgende verschijnselen optreden, zoals een opgeblazen buik, braken, diarree, een doffe vacht, hoesten en darmkrampen. Deze symptomen worden vooral bij jonge dieren gezien. Spoelwormen kunnen bij een zware besmetting zelfs in het braaksel en ontlasting gevonden worden. Indien spoelwormen in het braaksel van katten worden aangetroffen hoeft dit echter niet per definitie op een zware besmetting te wijzen. Ontworming van zowel jonge dieren als de moeder is belangrijk om problemen door spoelwormen bij jonge dieren te voorkomen.

Besmettelijk voor mensen
 Ook mensen kunnen met honden- en kattenspoelwormen besmet raken. Zo kunnen kinderen na het spelen in een besmette zandbak of na contact met een besmet huisdier geïnfecteerd raken. Bereiken ze de ogen, dan kunnen ze tot verstoringen van het gezichtsvermogen en in zeldzame gevallen zelfs tot blindheid leiden.

        Zweepwormen

 De zweepworm wordt ook wel de kennelworm genoemd omdat deze worm vooral veel in kennels voorkomt. Een hond bouwt tegen de zweepworm nauwelijks immuniteit op en blijft daardoor levenslang gevoelig voor infecties met zweepwormen. Een volwassen zweepworm heeft een typisch smalle vooreinde en een opvallend dik achtereinde (zie foto hieronder).

Symptomen
 Besmetting met deze worm vindt plaats door opname van eitjes uit de omgeving. De volwassen zweepwormen kunnen bij de hond ontsteking van de wand van de dikke darm veroorzaken met buikpijn, diarree, verminderde eetlust, lusteloosheid en een bloederige, slijmerige en stinkende ontlasting tot gevolg. Het ziektebeeld is vaak langdurig en de diagnose kan moeilijk zijn. Zware infecties kunnen bij pups bovendien fataal zijn. Een infectie hoeft echter niet altijd met symptomen gepaard te gaan.

        Haakwormen

 Haakwormen komen in ons klimaat voornamelijk voor bij honden die in kennels op gras of zandbodems kunnen komen. Continu geïnfecteerde honden bouwen een gedeeltelijk immuniteit op. Deze immuniteit is dus niet volledig waardoor deze honden nog altijd met haakwormen besmet zijn en eieren via de ontlasting uitscheiden om zo een besmettingsbron voor andere soortgenoten te vormen. Honden ouder dan 1 jaar zijn minder gevoelig voor deze wormen. Vooral in augustus en september worden besmettingen geregeld gezien. Bij katten worden deze wormen vaker gezien bij zwerf- en asielkatten en kan de infectie naast de orale weg ook via de huid en via besmette tussengastheren gebeuren.

Symptomen
 De volwassen wormen veroorzaken bij de hond in de darm lichte letsels aan de darmwand. Een infectie geeft meestal geen symptomen. Wanneer het aantal volwassen wormen in de darm toeneemt kunnen de darmbewegingen toenemen en kan diarree gezien worden. Bij katten met een zweepworminfectie worden vaak chronische symptomen gezien bestaande uit een slechte groei, een ruige vacht en diarree (vaak met bloed). Zware infecties kunnen bij de kat echter ook tot bloedarmoede, vermagering en sterfte leiden.

        Buitenlandse soorten
 In het buitenland komen haakwormen veelvuldiger voor en bovendien betreft het hier andere soorten die heel wat schadelijker zijn dan de haakwormen die in ons klimaat voorkomen. Larven dringen via de huid of slijmvliezen het dier binnen, maar besmetting kan ook via de moedermelk gebeuren. In de dunne darm veroorzaken de volwassen wormen kleine bloedende wondjes, die in ernstige gevallen tot heftige diarree en bloedarmoede kunnen leiden. Het is dan ook aan te raden om hiermee rekening te houden indien u met uw huisdier op vakantie gaat.

        Lintwormen

Besmetting via vlooien, luizen, rauw vlees en prooidieren
 Lintwormen komen zowel bij honden als katten voor. Ze worden altijd via besmette tussengastheren overgedragen. Bijvoorbeeld na opname van knaagdieren, besmet rauw vlees, vlooien of luizen. Na besmetting kunnen ze ontsteking van de darm en diarree veroorzaken. Ook kan braken worden gezien, soms met zichtbare wormsegmenten. Een besmetting is soms te herkennen aan de langwerpige segmenten die in de ontlasting en omgeving te vinden zijn, de zogenoemde 'rijstekorrels'. Tevens kunnen dieren door irritatie aan de anus met hun achterste over de grond gaan schuren. Mensen kunnen via dezelfde tussengastheren besmet worden, wat vooral bij kinderen wordt gezien.

Vossenlintworm
 Speciale aandacht moet aan de vossenlintworm besteed worden. Deze komt vooral in het oostelijk deel van Europa veel voor en de mens kan voor deze lintworm als tussengastheer optreden. Onvolgroeide stadia van deze worm kunnen bij mensen een soms fatale aandoening van de lever en longen veroorzaken. Zie voor meer informatie 'Naar het buitenland'.

Situaties die de kans op lintworminfecties aannemelijk maken vragen om een goede ontworming
 Gezien de levenscyclus van de lintworm dienen honden en katten met vlooien niet alleen ontvlooid maar ook ontwormd te worden en is het belangrijk om bij een dieet met rauw vlees of prooidieren uw huisdier geregeld te ontwormen.



ADRES & CONTACT

Dierenarts Sara Geerens
Brusselsesteenweg 399
2800 Mechelen
tel. 015 41 29 39
gsm 0477 20 12 97
info@dierenartsgeerens.be

Informatieverplichting

SPREEKUREN

Ma 09u00 - 10u00 18u00 - 19u00
Di

Wo
18u00 - 19u00
Do 09u00 - 10u00
Vr
18u00 - 19u00
Za 10u00 - 11u00

SOCIAL MEDIA

Sara Geerens Facebook